UWV Nieuwsflits arbeidsmarkt Noord-Brabant (mei 2020)

18-06-2020

Aantal WW-uitkeringen blijft stijgen. Arbeidsmarkt minder krap

In mei 2020 werden in Noord-Brabant 45.400 WW-uitkeringen verstrekt. Dat was een stijging van 3% in vergelijking met april 2020. Het aantal uitkeringen lag in mei 2020 in Noord-Brabant ook hoger dan in mei 2019 (16%). Ook landelijk nam het aantal lopende WW-uitkeringen zowel op maand- als op jaarbasis toe, met respectievelijk 3% en 20%. De maatregelen die zijn genomen om de verspreiding van het COVID-19 virus te beperken, zorgen ervoor dat de arbeidsmarkt minder krap wordt. In de provincie Noord-Brabant was er in het eerste kwartaal nog wel sprake van een krappe arbeidsmarkt, op landelijk niveau niet meer.‚Äč

Aantal WW-uitkeringen in Noord-Brabant stijgt voor vijfde maand op rij

Eind mei 2020 telde de provincie Noord-Brabant 45.400 WW-uitkeringen. Daarmee lag het WW-percentage in Noord-Brabant op 3,3%, wat een fractie hoger was dan het landelijke WW-percentage van 3,2% in die maand. Het aantal WW-uitkeringen in Noord-Brabant nam in mei toe met 1.100 uitkeringen (3%) ten opzichte van een maand eerder. Deze toename van 3% in Noord-Brabant was minder sterk dan de stijging in maart (4%), maar vooral ook veel minder groot dan de stijging in april (16%). Ook op landelijk niveau nam het aantal WW-uitkeringen in mei 2020 met 3% toe in vergelijking met april 2020. Ook in vergelijking met een jaar geleden lag het aantal WW-uitkeringen in Noord-Brabant in mei 2020 hoger. In mei 2019 werden 39.100 uitkeringen verstrekt, 16% minder dan in mei 2020. Deze toename op jaarbasis was wel minder sterk dan de stijging van het aantal WW-uitkeringen op landelijk niveau, die in mei 2020 20% bedroeg.

Landelijk niet langer krappe arbeidsmarkt, in Noord-Brabant nog wel

In maart 2020 werden de eerste maatregelen afgekondigd die de verspreiding van het COVID-19 virus moesten beperken. Zo sloten een grote aantallen bedrijven, al dan niet verplicht, hun deuren en werd het tijdelijk verboden bepaalde functies uit te oefenen. De invloed van de genomen maatregelen leidde tot een daling van het aantal vacatures en een toename van het aantal WW’ers en is dan ook terug te zien in de ontwikkeling van de spanning op de arbeidsmarkt. In het eerste kwartaal van 2020 was op landelijk niveau voor het eerst sinds het vierde kwartaal van 2017 weer sprake van een gemiddelde spanning op de arbeidsmarkt. Zowel in 2018 als in 2019 was er sprake van krapte. Op provinciaal niveau was er in het eerste kwartaal van 2020 in Noord-Brabant nog wel sprake van krapte, maar het beeld verschilt per regio. Zo ging arbeidsmarktregio Noordoost-Brabant van een zeer krappe arbeidsmarkt in het laatste kwartaal van vorig jaar naar een krappe arbeidsmarkt in het eerste kwartaal van 2020. In Zuidoost-Brabant bleef de spanning op de arbeidsmarkt in het vierde kwartaal van 2019 en het eerste kwartaal van 2020 onveranderd: krap. West-Brabant en Midden-Brabant gingen van een krappe arbeidsmarkt in het vierde kwartaal van 2019 naar een gemiddelde spanning op de arbeidsmarkt in het eerste kwartaal van 2020. In Helmond-De Peel, waar in het vierde kwartaal van 2019 de spanning al als ‘gemiddeld’ kon worden getypeerd, was dat in het eerste kwartaal van 2020 nog steeds het geval.

In meeste beroepsklassen nog krapte, maar arbeidsmarkt wordt ruimer

Voor acht van de twaalf beroepsklassen was de arbeidsmarkt in Noord-Brabant in het eerste kwartaal van 2020 nog (zeer) krap, net als in het laatste kwartaal van vorig jaar. Op landelijk niveau was de invloed van de coronabeperkende maatregelen in het eerste kwartaal van 2020 vooral terug te zien in de ontwikkeling van de spanning in de dienstverlenende beroepen, waartoe onder meer de beroepen in de horeca en de persoonlijke verzorging (kappers, schoonheidsspecialisten) behoren. In Noord-Brabant was die invloed bij die beroepsklasse in het eerste kwartaal dit jaar nog niet zichtbaar in die zin dat er (nog net) geen verschuiving optrad van een een krappe arbeidsmarkt naar een gemiddelde spanning, maar ook in Noord-Brabant werd de arbeidsmarkt in de dienstverlenende beroepen minder krap. Ook de arbeidsmarkt voor de commerciële beroepen (verkoopmedewerkers) in Noord-Brabant werd ruimer. Waar in het vierde kwartaal van 2019 nog sprake was een krappe arbeidsmarkt in de commerciële beroepen, kon de spanning een kwartaal later als ‘gemiddeld’ getypeerd worden. Ook voor managers en de pedagogische beroepen (leerkrachten, medewerkers kinderdagverblijf) was er in het eerste kwartaal van 2020 sprake van een gemiddelde spanning op de arbeidsmarkt. Alleen de creatieve en taalkundige beroepen kenden een ruime arbeidsmarkt.

Bron: UWV